In de gemeente Den Haag wordt de wettelijke tegenverplichting ingevuld door twee instrumenten: de (vrijwillige) wederkerigheid en de tegenprestatie(eis). In eerste instantie is ervoor gekozen om klanten de mogelijkheid te geven om iets terug te doen voor je uitkering in het kader van de wederkerigheid. Dit principe van wederkerigheid wordt ingevuld door met name vrijwilligerswerk, maar ook mantelzorg, werken aan het oplossen van problemen of andere nuttige activiteiten. Deze activiteiten zijn ter bevordering van de zelfredzaamheid en om het hoogst haalbare resultaat te behalen bij de uitkeringsgerechtigde.
In artikel 3.1 lid 1 wordt de mogelijke inzet van dit principe toegelicht. Dit is uitgebreid ten opzichte van de eerdere beleidsregel. De tegenprestatie wordt nu opgelegd als de uitkeringsgerechtigde niet meewerkt aan de wederkerigheid. Deze wederkerigheid kan worden aangetoond door een bewijs van deelneming. Voor de tegenprestatie blijven de wettelijke vereisten gelden. Plaatsingen in het kader van de tegenprestatie zullen niet leiden tot verdringing van betaalde arbeidsplaatsen.
Artikel 3.1
Kader voor tegenprestatie en wederkerigheid
Onderdeel van Besluit tot vaststelling van de beleidsregel re-integratie 2017