Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2018

1.. De belasting voor woningen en recreatie-objecten wordt geheven naar een vast bedrag per perceel. 2.. De belasting voor niet-woningen wordt geheven naar de waarde in het economische verkeer van het perceel, waarbij geldt dat: ingeval het perceel een onroerende zaak is, de waarde in het economische verkeer gelijk is aan de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor die onroerende zaak vastgestelde waarde zoals deze voor het in artikel 7 bedoelde kalenderjaar geldt; ingeval voor het perceel geen waarde op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld, de heffingsmaatstaf van dat perceel wordt bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel