De bepalingen van de deelverordening zijn van toepassing op de plaatselijke instellingen en de regionale vrijwilli-gersinstellingen, die de bevordering van de culturele (zelf)ontplooiing behartigen en wel in het bijzonder door het beoefenen van instrumentale en vocale muziek, vorming, ontwikkeling, creativiteitsontwikkeling en beeldende kunst, toneel en dans, alsmede door de behartiging van de wooncultuur of cultuurconservering.
Hoofdstuk 3
Artikel 5
Nadere begripsomschrijving
Onderdeel van Deelverordening subsidiegrondslagen welzijn 1992