**1..** Naast de uitoefening van taken en bevoegdheden op grond van het elders in deze regeling bepaalde is het dagelijks bestuur belast met en bevoegd tot:
Het dagelijks beheer van het lichaam;
De voorbereiding van alles waarover in de vergadering van het algemeen bestuur zal worden beraadslaagd en besloten;
De uitvoering van de besluiten van het algemeen bestuur;
Het toezicht op het beheren van de financiën van het lichaam;
Het toezicht en beheren van de eigendommen van het lichaam;
Het voeren van rechtsgedingen en beroepsprocedures;
Het nemen van conservatoire maatregelen, voordat wordt besloten tot het voeren van rechtsgedingen, het instellen van bezwaar en beroep alsmede het vragen om een voorlopige voorziening;
Het aangaan van geldleningen en van rekening-courantovereenkomsten;
Het uitlenen van gelden en het waarborgen van geldleningen door anderen aan te gaan;
Het kopen, ruilen, bezwaren of vervreemden en in erfpacht aannemen of uitgeven van roerende of onroerende zaken;
Het dagelijks bestuur is, binnen het raam van de door het algemeen bestuur vastgestelde formatie, belast met het aanstellen als ambtenaar, het tewerkstellen op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht en met het schorsen en ontslag van het personeel van het samenwerkingsverband. Het dagelijks bestuur neemt daarbij de door het algemeen bestuur vastgestelde rechtspositie- en arbeidsvoorwaardenregeling in acht;
Het dagelijks bestuur kan de onder k bedoelde bevoegdheden mandateren aan de directeur van de dienst, tenzij het ambtenaren betreft die belast zijn met functies van leidinggevende aard welke rechtstreeks onder de directeur ressorteren.
Het vaststellen van een regeling met betrekking tot de behandeling van klachten als bedoeld in Hoofdstuk 9 van de Awb;
Het vaststellen van een jaarprogramma voor de taakuitvoering;
Benoeming, schorsing en ontslag van de directeur.
**2..** Het dagelijks bestuur oefent, indien en voor zover het algemeen bestuur daartoe besluit en naar de door deze te stellen regels, de aan het algemeen bestuur toekomende bevoegdheden uit, met uitzondering van:
Het vaststellen, dan wel wijzigen van de begroting;
Het vaststellen van de rekening;
Vaststelling van een organisatiereglement.