Begeleiding is specifiek gericht op het behalen van een vooraf omschreven resultaat. Dit resultaat wordt door de cliënt zelf, eventueel samen met zijn sociale omgeving, ondersteund door het college, beschreven op basis van persoonlijke doelen. Voor het bepalen van het resultaat zijn generieke resultaten beschreven en uitgewerkt tot sub-resultaten. De vijf resultaten van begeleiding met de bijbehorende sub-resultaten zijn als volgt geformuleerd:
Resultaat 1: Het vermogen om zelfstandig te leven.
1.1 Cliënt kan zelfstandig wonen.
1.2 Cliënt kan randvoorwaarden regelen om zelfstandig te wonen.
1.3 Cliënt kan voorzien in primaire levensbehoeften.
1.4 Cliënt kan zelfstandig een huishouden voeren.
1.5 Cliënt kan zijn financiële situatie op orde brengen.
1.6 Cliënt kan zijn financiële situatie stabiel houden.
1.7 Cliënt kan de administratie bijhouden.
1.8 Cliënt kan iets kopen/betalen.
1.9 Cliënt kan gezond leven en hier ook naar handelen.
1.10 Cliënt heeft zicht op zijn lichamelijke/medische toestand en kan omgaan met zijn chronisch medische aandoening.
1.11 Cliënt heeft controle over zijn lichamelijke/medische/psychische toestand.
1.12 Cliënt kan zichzelf verzorgen.
Resultaat 2: Het deelnemen aan het maatschappelijk leven.
2.1 Cliënt heeft een voor zichzelf gewenst/voldoende sociaal netwerk.
2.2 Cliënt kan sociale contacten onderhouden.
2.3 Cliënt kan zichzelf verplaatsen/vervoeren.
2.4 Cliënt kan sociale vaardigheden toepassen.
2.5 Cliënt kan deelnemen aan georganiseerde activiteiten.
2.6 Cliënt kan gesprekken voeren met instanties.
Resultaat 3: Het hebben van dagstructuur.
3.1 Cliënt heeft een regelmatige dagstructuur en dagritme.
3.2 Cliënt kan een (week)planning maken.
3.3 Cliënt heeft een zinvolle dagbesteding.
Resultaat 4: Het voeren van regie (in combinatie met andere sub-resultaten).
4.1 Cliënt heeft en houdt eigen regie en autonomie.
4.2 Cliënt herkent problemen en kan hierop reageren.
4.3 Cliënt kan vaardigheden toepassen.
4.4 Cliënt kan besluiten nemen en de gevolgen daarvan wegen.
4.5 Cliënt kan initiatief nemen.
4.6 Cliënt kan zich aan regels en afspraken houden.
Resultaat 5: Het ontlasten van de mantelzorger.
5.1 Mantelzorger is in staat mantelzorg vol te houden.
5.2 Het voorkomen van klachten ten gevolge van overbelasting.
Artikel 5.2
Resultaat van begeleiding
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Weert 2018