Ten aanzien van de jongere inhoudende het niet of onvoldoende nakomen van de verplichtingen bedoeld in artikel 44, tweede lid en artikel 45 van de wet, worden onderscheiden de volgende categorieën:
a.Eerste categorie
Het niet, niet tijdig of onvolledig voldoen aan administratieve verplichtingen in verband met het recht op een werkleeraanbod of inkomensvoorziening.
Tweede categorie
het onvoldoende meewerken aan het opstellen van een plan met betrekking tot de arbeidsinschakeling, waaronder begrepen het onvoldoende meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling;
het zich niet onderwerpen aan een noodzakelijk behandeling van medische aard.
Derde categorie
het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht, bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de wet dat leidt tot het ten onrechte toekennen of tot het ten onrechte te hoog bedrag verlenen van de inkomensvoorziening.
Vierde categorie
het stellen van onredelijke eisen in verband met het door de jongeren te verrichten algemeen geaccepteerde arbeid, die het aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid belemmeren;
het niet of onvoldoende meewerken aan het behoud of bevorderen van arbeidsbekwaamheid;
het niet of onvoldoende meewerken aan activiteiten of werkzaamheden, gericht op arbeidsinschakeling;
het nalaten de opgedragen werkzaamheden of activiteiten naar beste vermogen te verrichten;
Paragraaf 2
Artikel 6
Indeling in categorieën van verwijtbare gedragingen
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet investeren in jongeren