Na de aanvang van het belastingjaar of het kalenderjaar kan de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar de belastingplichtige een voorlopige aanslag opleggen of van de belastingplichtige een voorlopig bedrag vorderen, tot ten hoogste het bedrag waarop de aanslag of het te vorderen bedrag over dat jaar vermoedelijk zal worden vastgesteld.
Artikel 3 Regeling gemeentelijke belastingen
Voorlopige aanslag
Onderdeel van Regeling gemeentelijke belastingen
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
Houd art. 3 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon