**1..** De ambtenaar gaat vertrouwelijk, zorgvuldig en correct om met
informatie waarover hij uit hoofde van zijn functie beschikt.
**2..** Het college kan functies aanwijzen waarbij voor de in deze functies
benoemde ambtenaren een geheimhoudingsplicht geldt.
**3..** De mate van de geheimhoudingsplicht wordt, voor zover vereist,
telkens voor iedere aangewezen functie nauwkeurig omschreven en
geldt niet indien op grond van enig wettig of wettelijk voorschrift
de ambtenaar is gehouden de gevraagde informatie te
verstrekken.
**4..** De ambtenaar houdt, met in acht name van het bepaalde in het derde
lid van dit artikel, bij het vervullen van zijn functie géén
informatie achter, tenzij deze geheim of vertrouwelijk is en het
verstrekken van informatie achterwege blijft op grond van een belang
genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur.
**5..** De ambtenaar maakt niet ten eigen bate of ten bate van zijn
persoonlijke relaties gebruik van in de uitoefening van zijn functie
verkregen informatie.
Hoofdstuk
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Regeling aangaande de voorwaarden waaronder ambtenaren de betrekking dienen te vervullen