**1..** De houder dient , zoals in artikel 6 vermeld, per kwartaal een bezettingsoverzicht te tonen, waarin het aantal gerealiseerde peuteropvangplaatsen (kinderopvangtoeslag en niet-kinderopvangtoeslag) en doelgroepplaatsen is opgenomen. De houder dient hiermee aan te tonen dat voornoemde plaatsing en inzet daadwerkelijk is gerealiseerd.
**2..** De gemeente kan op elk gewenst tijdstip een controle uitvoeren. Deze controle kan eventueel worden uitgevoerd door de (gemeentelijke) accountant. Daarbij zal initieel een steekproef worden gedaan en een aantal dossiers getoetst worden op bijvoorbeeld voorgeschreven inhoud, juistheid van gegevens en op het correct uitvoeren van de toetsing niet-recht op kinderopvangtoeslag en de inschaling in de Ouderbijdragetabel en de wijze en uitkomst van de toetsing.
**3..** De gemeente kan op elk gewenst tijdstip de wijze en uitkomst van de toetsing van de aanvraagprocedure door houder komen controleren, initieel via een steekproef. Voor die dossiers waar de toetsing door de houder niet correct heeft plaats gevonden zal de gemeente Heemskerk de onterecht uitgekeerde subsidie bij de houder terugvorderen.
**4..** Voor peuterplaatsen VVE dient de houder jaarlijks voor 1 maart volgend op het jaar waarop subsidie is verleend, verantwoording af te leggen in het kader van de Sisa, conform artikel 9, sub i.
Hoofdstuk 3
Artikel 13