**1..** De hoogte van een pgb:
wordt, als het gaat om begeleiding, respijtzorg, dagbesteding, logeren of Hulp bij het huishouden in combinatie met begeleiding en/of respijtzorg, bepaald aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden;
is toereikend om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en
bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate voorziening in natura.
**2..** De hoogte van een pgb voor:
een hulpmiddel of woningaanpassing wordt bepaald op ten hoogste de kostprijs van de voorziening die de aanvrager op dat moment zou hebben ontvangen als de zaak in natura zou zijn verstrekt. Als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening zou kunnen betreffen, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de zaak technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering;
hulp bij het huishouden bedraagt per uur:
voor hulp bij het huishouden 1 (HH1) € 13,23 per uur;
voor hulp bij het huishouden 2 (HH2) € 21,13 per uur;
individuele begeleiding door professionals bedraagt maximaal € 30,46 per uur. Individuele begeleiding door het eigen netwerk bedraagt maximaal € 20,00 per uur. Voor diensten uitgevoerd door professionals is gebaseerd op 85% van de pgb-tarieven, zoals die door het College voor Zorgverzekeringen zijn vastgesteld in de Tarieventabel 2014. Er is gekozen voor een korting van 15%, omdat deze korting ook bij zorg in natura geldt voor de aanbieders. Als individuele begeleiding wordt uitgevoerd door mensen uit het eigen netwerk is het tarief gebaseerd op het Pgb Wlz tarief voor niet-professionals;
begeleiding groep of dagbesteding bedraagt maximaal € 39,92 per dagdeel. Begeleiding groep of dagbesteding door het eigen netwerk bedraagt maximaal € 26,20 per dagdeel. Voor diensten uitgevoerd door professionals is gebaseerd op 85% van de pgb-tarieven, zoals die door het College voor Zorgverzekeringen zijn vastgesteld in de Tarieventabel 2014. Er is gekozen voor een korting van 15%, omdat deze korting ook bij zorg in natura geldt voor de aanbieders. Voor dagbesteding golden in 2014 twee tarieven (exclusief en inclusief vervoer). Vanaf 2015 wordt hier geen onderscheid meer in gemaakt. Daarom is hiervoor het gemiddelde van deze twee tarieven genomen. Als individuele begeleiding groep of dagbesteding wordt uitgevoerd door mensen uit het eigen netwerk is het tarief gebaseerd op verhouding tarief begeleiding en tarief dagbesteding door professionals (verhouding is 1:1,31).
logeren, ook wel genoemd kortdurend verblijf- en respijtzorg bedraagt maximaal € 85,85 per etmaal. Logeren eigen netwerk bedraagt maximaal € 56,18 per dagdeel. Voor diensten uitgevoerd door professionals is gebaseerd op 85% van de pgb-tarieven, zoals die door het College voor Zorgverzekeringen zijn vastgesteld in de Tarieventabel 2014. Er is gekozen voor een korting van 15%, omdat deze korting ook bij zorg in natura geldt voor de aanbieders. Als logeren wordt uitgevoerd door mensen uit het eigen netwerk is het tarief gebaseerd op verhouding tarief begeleiding en tarief logeren door professionals (verhouding is 1:2,81).
reiskosten zijn meegenomen in de hoogte van het pgb. Deze kunnen niet apart gedeclareerd worden.
een vervoersvoorziening, waaronder een rolstoel, wordt vastgesteld op basis van 75% van de tegenwaarde van de huurprijs van 7 jaar van de adequaat-goedkoopste voorziening, inclusief onderhoud en reparatie, zoals die door het college aan de leverancier wordt betaald.
een sportrolstoelvoorziening bedraagt € 4.163,30, welk bedrag bedoeld is als tegemoetkoming in aanschaf en onderhoud van een sportrolstoel voor een periode van drie jaar; indien na drie jaar de voorziening nog bruikbaar is, bedraagt de jaarlijkse financiële tegemoetkoming voor de kosten van onderhoud € 229,25.
individuele taxikosten, individuele rolstoeltaxikosten, gebruik van een bruikleenauto of eigen auto bedraagt:
voor taxikosten € 1.129,63 per jaar;
voor rolstoelvervoer € 1.694,97 per jaar.
voor gebruik van een bruikleenauto € 729,66 per jaar;
voor gebruik van een (eigen) auto € 834,53, indien beide echtgenoten/partners voor vergoeding in aanmerking komen, wordt de vergoeding voor elk verminderd met 25%.
een open electrische buitenwagen, een voorziening in natura of de aanschaf van een ander verplaatsingsmiddel bedraagt maximaal € 1.129,63 per jaar.
een woonvoorziening wordt vastgesteld op het bedrag, zoals vermeld in de door het college geaccepteerde offerte, tenzij in dit besluit anders aangegeven.
een verhuiskostenvergoeding voor verhuis- en herinrichtingskosten bedraagt € 2.975,40.
het bezoekbaar maken van één woonruimte bedraagt € 2.537,40.
de kosten van tijdelijke huisvesting bedraagt:
de werkelijke kosten met een maximum van € 507,47 per maand als tegemoetkoming in de kosten van het tijdelijk betrekken van zelfstandige woonruimte en het langer moeten aanhouden van de te verlaten woonruimte.
de werkelijke kosten met een maximum van € 253,75 per maand als tegemoetkoming in de kosten van het tijdelijk betrekken van een niet-zelfstandige woonruimte.
de kosten van huurderving zijn afhankelijk van de kale huur van de woonruimte, doch niet meer dan de helft van de werkelijke kosten.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.1.
Hoogte persoonsgebonden budget.
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Midden-Drenthe 2015-2