Naar hoofdinhoud
1.. Het dienstvoertuig wordt uitsluitend gebruikt voor het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht van de werkgever. Privégebruik in en buiten werktijd van een dienstvoertuig is slechts toegestaan na uitdrukkelijke toestemming van de beheerder. 2.. De medewerker die buiten de voor hem geldende werktijden beschikbaarheidsdienst heeft kan beschikken over een dienstvoertuig dat hij daarvoor thuis stalt. Het dienstvoertuig mag alleen gebruikt worden voor het uitvoeren van werkzaamheden in het kader van deze beschikbaarheidsdienst. 3.. De medewerkers krijgen een persoonsgebonden sleutel. Deze sleutel is niet overdraagbaar. 4.. Indien de black box in het dienstvoertuig niet functioneert, houdt de medewerker handmatig een rittenadministratie bij en levert deze dezelfde dag of uiterlijk de eerstvolgende werkdag in bij de beheerder.

Rechtspraak bij dit artikel