Van kwijtschelding als bedoeld in artikel 9 en 10 wordt afgezien indien:

  • - de terugvordering van de uitkering het gevolg is van fraude van de belanghebbende, of
  • - de vordering wordt gedekt door pand of hypotheek op een goed of goederen, voor zover de vordering niet op die goederen verhaald kan worden.