Naar hoofdinhoud
a.. Na het einde van de erfpacht heeft de voormalige erfpachter recht op vergoeding van de waarde van de nog aanwezige gebouwen, werken en beplantingen, die door hemzelf of een rechtsvoorganger zijn aangebracht of van de eigenaar tegen vergoeding van de waarde zijn overgenomen. b.. De erfpachter heeft geen recht op de in lid a bedoelde vergoeding; indien de in erfpacht uitgegeven grond een andere bestemming had dan die van woningbouw; indien de erfpachter de gebouwen, werken en beplantingen niet zelf heeft bekostigd; indien de erfpacht is geëindigd door opzegging door de erfpachter; voor zover de gebouwen, werken en beplantingen onverplicht waren aangebracht en hij ze bij het einde van de erfpacht mocht wegnemen. c.. De gemeente is bevoegd van de door haar ingevolge dit artikel verschuldigde vergoeding af te houden hetgeen zij uit hoofde van de erfpacht van de erfpachter te vorderen heeft.

Rechtspraak bij dit artikel