Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Artikel 11

Onderdeel van Hypotheekverordening 1997

De hoofdsom of het nog niet afgeloste gedeelte van het leningsbedrag met de lopende rente wordt zonder voorafgaande waarschuwing onmiddellijk opeisbaar: a.bij beëindiging van het dienstverband van de ambtenaar, anders dan wegens pensionering, functioneel leeftijdsontslag, vervroegde uittreding (VUT) of wachtgelderschap; b.indien de ambtenaar in staat van faillissement wordt verklaard, onder curatele wordt gesteld of surséance van betaling heeft aangevraagd; c.indien de ambtenaar zonder noodzaak - zulks ter uitsluitende beoordeling van het bestuursorgaan - ophoudt de woning voor eigen bewoning te gebruiken; d.bij overlijden van de ambtenaar, tenzij de weduwe/weduwnaar/partner van de overleden ambtenaar de reeds aangegane geldlening wil overnemen; bij niet prompte voldoening van rente en aflossing; bij overtreding of niet-nakoming van de in de overeenkomst van geldlening met hypotheekstelling vermelde voorwaarden; g.bij gehele of gedeeltelijke vervreemding van het onroerend goed, onteigening inbegrepen, of teniet gaan van het geheel of gedeelte daarvan.

Rechtspraak bij dit artikel