- - het ontvangen van een aangifte van briefadres omdat het woonadres ontbreekt zoals bedoeld in artikel 2.23 Wet BRP vanwege:
- - dak- of thuisloosheid;
- - korte overbrugging tussen twee woonadressen;
- - de uitoefening van een ambulant beroep;
- - kort verblijf in het buitenland: gedurende een jaar ten hoogste twee derden van de tijd;
- - korter dan 2 jaar verblijft in het buitenland en beroepshalve varend op een schip dat de thuishaven in Nederland heeft zoals bedoeld in artikel 29 Besluit BRP;
- - het behoren tot een kwetsbare groep, zoals verwarde personen;
- - langdurig vermiste personen;
- - verblijf in een instelling voor mannen- of vrouwenopvang (blijf-van-mijn-lijfhuizen);
- - verblijf in een instelling als bedoeld in artikel 2.40, lid 3 en 4 van de Wet BRP;
- - verblijf op een adres waarvan het opnemen van dat woonadres naar het oordeel van de burgemeester om veiligheidsredenen niet wenselijk is zoals bedoeld in artikel 2.41 Wet BRP;
Voorwaarden