Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.2

GIS inventarisatie

Onderdeel van Beheersverordening De Moer gemeente Loon op Zand

2.2.1 Inleiding Zoals eerder is vermeld, kan een beheersverordening zowel het bestaande feitelijke gebruik vastleggen als het vigerende planologische gebruik. In de casus ‘De Moer’ zal grotendeels het bestaande feitelijke gebruik worden vastgelegd. Dit zal overwegend identiek zijn aan het vigerende planologische gebruik uit de vigerende bestemmingsplannen. In enkele gevallen is het vastleggen van het bestaande feitelijke gebruik echter niet wenselijk. In andere gevallen is bijvoorbeeld handhaving noodzakelijk. Voor deze delen van het besluitgebied zullen per geval nadere keuzes gemaakt dienen te worden. Hiervoor is het nodig om een goed beeld te hebben van de huidige situatie in het besluitgebied; een goede inventarisatie is dan ook het vertrekpunt. Inventarisaties zijn niet nieuw en worden ook gebruikt bij bestemmingsplannen. Inventariseren gebeurt vaak door middel van veldinventarisaties, maar bij deze beheersverordening is mede gebruik gemaakt van GIS-inventarisatie. 2.2.2 Werkwijze Om de bestaande situatie goed inzichtelijk te krijgen is de volgende werkwijze gehanteerd. In eerste instantie zijn de gegevens van de gemeentelijke Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) digitaal vergeleken met de bestemmingen van de moederplannen. De vigerende enkelbestemmingen zijn ten behoeve daarvan digitaal aangeleverd door de gemeente. Ook is een vergelijking gemaakt met de gegevens van de Kamer van Koophandel (bedrijvenlijst) en met de verleende horecavergunningen. Vervolgens zijn door middel van een GIS analyse de afwijkingen inzichtelijk gemaakt. Blijkt uit de gegevens van de BAG bijvoorbeeld dat het een woonlocatie betreft, maar bepaalt het vigerende bestemmingsplan dat de locatie een bedrijfsbestemming heeft, dan is sprake van een afwijking. Voor deze afwijkingen is nagekeken of in het verleden voor deze locatie een vrijstelling, ontheffing of herziening is geweest. Is dit niet het geval geweest dan is deze locatie in het veld nader geïnventariseerd. Ook voor nog bestaande discrepanties zal een veldinventarisatie uitkomst bieden. 2.2.3 Inventarisatiekaart De resultaten en conclusies van deze GIS inventarisatie zijn als basis genomen bij het opstellen van de beheersverordening. Daartoe is in eerste instantie een inventarisatiekaart met toegedachte toekomstige bestemmingen gemaakt. Deze kaart vormt uiteindelijk de aanzet tot de bij de verordening behorende verbeelding en is als bijlage 1 opgenomen bij deze toelichting. Bij de (GIS) inventarisatie is tevens het gebied 'Hooivork II' in zijn geheel meegenomen, aangezien ten tijde van de inventarisatie nog niet definitief bekend was of dit gebied wel of niet tot het besluitgebied zou behoren. Ter plaatse van het gebied 'Hooivork II' zijn echter geen discrepanties naar voren gekomen. Naast de inventarisatie van de feitelijke situatie zoals hiervoor beschreven, zijn de vigerende bestemmingsplannen inhoudelijk nader bezien op gebruiks- en bouwmogelijkheden en beschreven. Op basis van de ruimtelijke en functionele situatie alsmede (deels) het planologische regime is de bestaande situatie vastgelegd in onderhavige beheersverordening.

Rechtspraak bij dit artikel