• - Het college informeert de raad op het niveau van programma’s door middel van tussentijdse rapportages over de realisatie van de begroting over de eerste 4 maanden en de eerste 9 maanden van het lopende boekjaar.
  • - De tussentijdse rapportages worden aan de raad aangeboden.
  • - Het college stelt de opzet vast van de inrichting van de tussentijdse rapportages.
  • - De rapportages gaan in op de financiële afwijkingen, de risico’s, de voortgang van de programma’s en eventueel de maatschappelijke effecten.
  • - De raad bepaalt aan de hand van de uitvoering van de programma’s of de beleidsdoelen voor het lopende jaar bijstelling behoeven.