**1.** In afwijking van het bepaalde in artikel 3 wordt de bijstandsnorm en/of de toeslag voor de alleenstaande lager vastgesteld indien recent de deelname is beëindigd aan onderwijs of beroepsopleiding waarvoor aanspraak bestond op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 of op een tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en de schoolkosten op grond van hoofdstuk 4 van de Wettegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten.
**2.** Van een recente beëindiging van de deelname aan onderwijs of beroepsopleiding als bedoeld in het eerste lid is sprake indien er nog geen periode van zes maanden is verstreken, gerekend vanaf het tijdstip van die beëindiging.
**3.** De periode bedoeld in het tweede lid wordt opgeschort, indien er in deze periode opnieuw onderwijs of een beroepsopleiding als bedoeld in het eerste lid wordt begonnen. Indien deze onderwijsperiode zes maanden of langer heeft geduurd, vangt een nieuwe periode aan zoals bedoeld in het tweede lid.
**4.** De verlaging als bedoeld in het eerste lid bedraagt het verschil tussen de van toepassing zijnde norm ingevolge artikel 21 van de wet inclusief de toeslag als bedoeld in artikel 3, en het van toepassing zijnde bedrag voor levensonderhoud als bedoeld in artikel 33, tweede lid van de wet op het moment van bijstandsverlening.
Hoofdstuk 4
Artikel 5
Recente beëindiging van onderwijs/opleiding
Onderdeel van Verordening WWB verhoging-verlaging algemene bijstand