De verlaging als bedoeld in artikel 29 van de wet bedraagt:
10 procent van de gehuwdennorm indien het een belanghebbende van
21 jaar betreft;
5 procent van de gehuwdennorm indien het een belanghebbende van
22 jaar betreft.
In afwijking van lid 1 wordt de verlaging vastgesteld op de
hoogte van de op grond van artikel 3 toegekende toeslag, indien
deze toeslag minder bedraagt dan de verlaging waartoe toepassing
van lid 1 zou leiden.
HOOFDSTUK 3
Artikel 6
Verlaging toeslag alleenstaanden van 21 en 22 jaar
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet werk en bijstand 2004