1. 1. De schoolbesturen laten zich vertegenwoordigen in het overlegorgaan. Ieder schoolbestuur wijst daartoe 1 vertegenwoordiger en 1 plaatsvervanger aan, die namens dit schoolbestuur het overleg voert (voeren).
  2. 2. Schoolbesturen kunnen zich gezamenlijk laten vertegenwoordigen in het overlegorgaan. Ze wijzen daartoe 1 vertegenwoordiger en 1 plaatsvervanger aan, die namens die schoolbesturen het overleg voert (voeren) .
  3. 3. De portefeuillehouder belast met onderwijszaken vertegenwoordigt burgemeester en wethouders in het overlegorgaan.
  4. 4. De portefeuillehouder belast met onderwijszaken fungeert als voorzitter van het overlegorgaan.