Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3

Artikel 12

Inhoud programma

Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs

1. De aangevraagde voorzieningen waarmee in het jaar volgend op het jaar van vaststelling van hetprogramma een aanvang kan worden gemaakt, komen, voor zover het college heeft vastgestelddat geen van de in de Wet op het primair onderwijs en Wet op het voortgezet onderwijsopgenomen weigeringsgronden van toepassing is, in aanmerking voor plaatsing op hetprogramma. Daarbij past het college de regels toe met betrekking tot:a. de beoordelingscriteria als bedoeld in bijlage I ;b. de prognosecriteria als bedoeld in bijlage II ;c. de oppervlakte en indeling van schoolgebouwen als bedoeld in bijlage III .Van de voor plaatsing op het programma in aanmerking komende voorzieningen neemt hetcollege, aan de hand van de urgentiecriteria als bedoeld in bijlage V, uitsluitend voorzieningenop in het programma voor zover het bedrag of de deelbedragen als bedoeld in artikel 11, eerstelid, toereikend zijn. 2. Op voorstel van het overleg als bedoeld in artikel 10, kan het college de raad verzoeken bij devaststelling van het programma af te mogen wijken van de urgentiecriteria als bedoeld in bijlageV. 3. Ten aanzien van de in het programma opgenomen voorzieningen wordt, voor zover vantoepassing, door het college aangegeven:a. het genormeerde bedrag dat ingevolge bijlage IV , deel A voor de betreffendevoorziening beschikbaar wordt gesteld;b. het geraamde bedrag gemoeid met de uitvoering van de voorziening als bedoeld inartikel 4, derde lid, laatste volzin;c. de voorwaarden betreffende ingebruikneming of buitengebruikstelling van gebouwen oflokalen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel