**1.** Controle door verantwoordelijke op het gebruik van de elektronische
communicatiemiddelen vindt slechts plaats in het kader van de in
artikel 3 genoemde doeleinden. Deze doeleinden stellen beperkingen
aan de omvang en wijze van controle.a. Controle ter verkrijging van
inzicht in de mate van gebruik van de elektronische
communicatiemiddelen wordt beperkt tot de verkeersgegevens (tijd,
hoeveelheid, omvang en dergelijke).b. Controle ter voorkoming van
onrechtmatig gebruik dan wel misbruik van de elektronische
communicatiemiddelen wordt zo beperkt mogelijk gehouden, in die zin
dat deze in redelijke verhouding staat tot het doel waarvoor deze
wordt aangewend. Bovendien vindt de controle in beginsel
geanonimiseerd en slechts steekproefsgewijs plaats.c. Controle in
het kader van het beveiligen van het systeem en het netwerk voor het
tegengaan van virussen en andere schadelijke programma's vindt op
geautomatiseerde wijze plaats.d. Controle ter bewijs en archivering:
conform de regels kan een kopie worden gemaakt van de zakelijke
e-mailberichten met als doel bewijs en/of archivering.
**2.** Controle vindt in beginsel plaats op het niveau van getotaliseerde
gegevens die niet herleidbaar zijn tot individuele personen. Indien
een medewerker of een groep medewerkers wordt verdacht van het
overtreden van regels, kan gedurende een vastgestelde (korte)
periode gerichte controle plaatsvinden.
**3.** Controle beperkt zich in principe tot verkeersgegevens van het
gebruik van de elektronische communicatiemiddelen. Alleen bij
zwaarwegende redenen vindt er controle op de inhoud plaats.
**4.** Onrechtmatig gebruik dan wel misbruik van de elektronische
communicatiemiddelen wordt zo veel mogelijk softwarematig onmogelijk
gemaakt.
**5.** Indien geconstateerd wordt dat een medewerker dit privacyreglement
overtreedt, dan wordt de betrokken medewerker zo spoedig mogelijk
hierop aangesproken door het hoofd van zijn afdeling.