Op de voorbereiding van een besluit om de aanvraag om vergunning
als bedoeld in artikel 9 is hoofdstuk 4 van de Awb van toepassing.
Het college zendt onmiddellijk een afschrift van de
ontvankelijke aanvraag om vergunning voor een gemeentelijk
monument aan de monumentencommissie voor advies.
Binnen 4 weken na de datum van verzending van het afschrift
brengt de monumentencommissie schriftelijk advies uit aan het
college.
Indien het college niet besluit binnen een redelijke termijn,
maar in ieder geval binnen 8 weken na ontvangst van een
ontvankelijke aanvraag, wordt de vergunning geacht te zijn
verleend.
Het college verbindt aan de vergunning de voorschriften die
nodig zijn voor het belang van de monumentenzorg. De aan de
vergunning verbonden voorschriften zijn op elkaar
afgestemd.
Hoofdstuk 3.
Artikel 10.
Termijnen advies en vergunningverlening
Onderdeel van Cultuurhistorieverordening 2010