Een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 24, lid 1,
moet worden ingediend bij het college en moet de volgende
gegevens bevatten:a. naam en adres van de aanvrager;b.
locatie en omschrijving van de voorgenomen werkzaamheden;c.
tijdsplanning.
Het college kan ter beoordeling van de aanvraag nadere
gegevens van de aanvrager verlangen, waaronder een
archeologische waardering, zoals opgenomen in een
archeologisch vooronderzoek.
Uit de vergunningsaanvraag moet duidelijk blijken wat de
bestaande en de door de aanvrager gewenste situaties
zijn.
Het college beslist op de aanvraag binnen 12 weken na
ontvangst van de aanvraag.
Het college kan de in het eerste lid genoemde termijn van 12
weken met ten hoogste zes weken verlengen, mits zij de
aanvrager daarvan kennis geeft binnen de in het eerste lid
genoemde termijn van 12 weken.
Bij het niet in behandeling nemen van de aanvraag vanwege
onvolledigheid is artikel 4:5 van de Algemene wet
bestuursrecht van toepassing. Het college kan hiertoe nadere
regels geven.