Indien het inkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen
van gehuwde personen meer bedraagt dan 1,5 maal de respectievelijke
norminkomens bedoeld in de Wet werk en bijstand, wordt het bezit van een
personenauto en/of het kunnen dragen van de kosten verbonden aan lokaal
vervoer of collectief vraagafhankelijk vervoer algemeen gebruikelijk
geacht, zodat geen verstrekking van een voorziening bedoeld in dit
hoofdstuk plaatsvindt.
Hoofdstuk 5
Artikel 26
Algemeen gebruikelijke vervoersvoorzieningen
Onderdeel van Verordening Individuele verstrekkingen 2010