1.. Het college kan subsidie verstrekken aan werkgevers die met een persoon bedoeld in artikel 1 lid a, b, c en d een arbeidsovereenkomst sluiten gericht op arbeidsinschakeling dan wel participatie.

2.. De loonkostensubsidie duurt nooit langer dan 24 aaneengesloten maanden;

3.. De loonkostensubsidie bedraagt nooit meer dan 100 % van het bruto wettelijk minimumloon;

4.. De hoogte en duur van de loonkostensubsidie is afhankelijk van een viertal indicatoren:

  • - opleidingsniveau;
  • - relevante werkervaring;
  • - duur sinds laatste reguliere arbeidsbetrekking;
  • - medische of sociaal maatschappelijke belemmeringen;

5.. Het college kan aan een werkgever een begeleidingssubsidie toekennen indien een persoon bedoeld in artikel 1, onderdeel a, b, c en d reguliere arbeid aanvaardt bij die werkgever;

6.. Het college stelt nadere regels ten aanzien van de duur van de subsidie, de hoogte, en de verplichtingen die aan de subsidie worden verbonden binnen de in artikel 2 , 3 en 4 genoemde kaders;

7.. Werkgevers die optreden als intermediairs komen niet in aanmerking voor loonkostensubsidie waneer het werkgeverschap gecombineerd wordt met re-integratie taken, tenzij de Raad daar anders over beslist;

8.. Het college kan een quotering per werkgever opleggen van het aantal mogelijke plaatsten loonkostensubsidie;

9.. Op de subsidies bedoeld in dit artikel is de Algemene subsidieverordening gemeente Almere 2008 van toepassing;

10.. Het college stelt nadere regels ter uitvoering van het bepaalde in lid 4;

11.. Het effect van loonkostensubsidies wordt meegenomen in het onder artikel 3, lid 3 bedoelde jaarlijkse verslag;

12.. Het college consulteert de Raad wanneer de nadere regels worden gewijzigd.