Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.3 › Paragraaf 1.3.1

Artikel 11

Waardering debiteuren en overige vorderingen

Onderdeel van Financiële verordening 212/2005

1.. Voor openstaande vorderingen betreffende: onroerende zaakbelasting gebruikers; onroerende zaakbelasting eigenaren; precariobelasting; hondenbelasting; rioolrechten; reinigingsrechten; leges. wordt door het college een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van de ouderdom van de vordering. 2.. Voor de niet in het eerste lid genoemde vorderingen wordt door het college een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen ouder dan één jaar.

Rechtspraak bij dit artikel