Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3

Artikel 20

Voorwaarden

Onderdeel van subsidieverordening gemeentelijke monumenten

1.. Het subsidie wordt toegekend onder de voorwaarden dat: binnen 26 weken na een in de subsidiebeschikking te bepalen tijdstip met het uitvoeren van de onderhoudswerkzaamheden een aanvang wordt gemaakt; dat de onderhoudswerkzaamheden zijn voltooid binnen 52 weken na het onder a. genoemde tijdstip; aan de door burgemeester en wethouders met controle belaste personen: gelegenheid wordt geboden tot inspectie van de (uit voering van de) onderhoudswerkzaamheden; inzage wordt verleend van de op het onderhoud betrekking hebbende bescheiden en tekeningen; de op het onderhoud betrekking hebbende gegeven worden verstrekt; gelegenheid wordt gegeven tot het controleren van de op het onderhoud betrekking hebbende gegevens; de bescheiden en gegevens die nodig zijn voor de juiste toepassing van deze verordening, worden verstrekt; de eigenaar zich verplicht tot het goed bewaren en onderhouden van het gemeentelijk monument in de staat waarin het na het uitvoeren van de onderhoudswerkzaamheden is gebracht. 2.. Burgemeester en wethouders kunnen afwijking van de in het eerste lid, onder a en b, genoemde termijnen toestaan. 3.. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd aan de subsidietoekenning bijzondere voorwaarden te verbinden.

Rechtspraak bij dit artikel