Bij de subsidieverstrekking gelden de volgende toetsingscriteria:
- - het godsdienstonderwijs en het levensbeschouwelijk vormingsonderwijs dienen bij te dragen aan de ontwikkeling van de leerlingen met aandacht voor de godsdienstige, levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden, zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden;
- - Het godsdienstonderwijs en het levensbeschouwelijk vormingonderwijs worden gegeven in de gebouwen van de betrokken openbare scholen voor basisonderwijs en betrokken openbare scholen voor speciaal basisonderwijs;
- - Het godsdienstonderwijs en het levensbeschouwelijk vormingsonderwijs worden gegeven aan leerlingen van de daarvoor in aanmerking komende groepen, van wie de ouders, voogden of verzorgers van de doelgroep schriftelijk kenbaar hebben gemaakt dat zij dit onderwijs voor hun kind(eren) verlangen;
- - De subsidie wordt slechts verleend voor leerlingen uit drie achtereenvolgende leerjaren van de openbare scholen voor basisonderwijs en de openbare scholen voor speciaal basisonderwijs, te bepalen in overleg tussen de directeur van de school en de instellingen;
- - De instelling die het onderwijs geeft dient naar het oordeel van burgemeester en wethouders voldoende duidelijk te maken dat het onderwijs op pedagogisch-didactisch verantwoorde wijze wordt gegeven;
- - Het godsdienstonderwijs en het levensbeschouwelijk vormingsonderwijs dient in de Nederlandse taal te worden gegeven;
- - De door de instellingen aangewezen leerkrachten voor godsdienstonderwijs en levensbeschouwelijk vormingsonderwijs onthouden zich van het voeren van propaganda voor een bepaalde godsdienst, levensbeschouwing, kerk, kerkelijke instelling, religieuze en andere levensbeschouwelijke groepering. Zij besteden naast het eigen godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs ook aandacht aan andere godsdiensten en levensbeschouwelijke richtingen;
- - De in sub g bedoelde leerkrachten onthouden zich van het aanzetten van leerlingen tot discriminatie of haat tegen mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun geslacht of hun hetero- of homoseksuele gerichtheid.