Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4:

Artikel 4:

Onderdeel van Verordening Burgerinitiatief

Omdat de burgemeester de voorzitter van de Raad is, ligt het voor de hand om het burgerinitiatief bij hem te laten indienen. De burgemeester zendt het verzoek echter zo spoedig mogelijk door aan de voorzitter van de agendacommissie. Aan het verzoek zal een aantal minimumvereisten gesteld moeten worden. Het is uit praktische overwegingen zoals uniformiteit, overzichtelijkheid en duidelijkheid raadzaam indiening van een burgerinitiatief plaats te laten vinden door middel van een standaardformulier voor burgerinitiatieven. Op dit formulier zal de verzoeker naast het voorstel plus toelichting, in ieder geval zijn personalia en die van zijn plaatsvervanger moeten aangeven. Ook de tenminste 25 initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen zullen uiteraard vermeld moeten worden. Om fraude met namen te voorkomen kan naar personalia gevraagd worden als adressen en geboortedata. Met name dat laatste gegeven kan niet aan openbare bronnen als telefoonboeken worden ontleend. Op grond van deze gegevens kan de gemeente onderzoeken of het verzoek de steun van voldoende daartoe gerechtigde personen heeft. Modellen van dergelijke formulieren zijn opgenomen in de bijlagen 1 en 2. Het stellen van een minimumondersteuning is altijd arbitrair. De omvang van de drempels zou van dien aard moeten zijn dat zij - zonder al te zeer belemmerend te zijn - toch een zekere garantie moeten bieden dat het desbetreffende verzoek gedragen wordt door een gedeelte van de bevolking. Hoeveel er dat zijn wordt geregeld in artikel 4.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel