Een schriftelijke klacht wordt behandeld door:
Het afdelingshoofd, namens het college van burgemeester en wethouders, voor zover het – al dan niet in overwegende mate – zijn eigen afdeling betreft, indien het een gedraging betreft van een ambtenaar werkzaam op en/of onder verantwoordelijkheid van zijn/haar afdeling.
De gemeentesecretaris, namens het college van burgemeester en wethouders, indien het een gedraging van een afdelingshoofd betreft, dan wel bij een afdelingsoverstijgende klacht.
De burgemeester, namens het college van burgemeester en wethouders, indien het een gedraging van de gemeentesecretaris betreft.
De burgemeester, namens het college van burgemeester en wethouders, indien het een gedraging van een wethouder of het college betreft.
De loco-burgemeester, namens de burgemeester, indien het een gedraging van de burgemeester betreft.
De voorzitter van de raad, namens de raad, indien het een gedraging van de gemeenteraad betreft.
De voorzitter van de raad, namens de raad, indien het een gedraging van de raadsgriffier betreft.
In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, wijst het college van burgemeester en wethouders een klachtbehandelaar aan.