1. 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een door het college verleende gebruiksvergunning een inrichting in gebruik te hebben of te houden, voor zover daarin:

    a. meer dan 200 personen tegelijk aanwezig zullen zijn of,

    b. aan meer dan 10 personen bedrijfsmatig of in het kader van verzorging

    nachtverblijf zal worden verschaft of,

    c. aan meer dan 10 personen jonger dan 12 jaar, of aan meer dan 10

    lichamelijk of geestelijk gehandicapte personen dagverblijf zal worden

    verschaft.

  2. 2. Het college kan aan de gebruiksvergunning voorwaarden verbinden met inachtneming van het gestelde in de artikelen 4 en 5.
  3. 3. Het college kan aan de gebruiksvergunning nieuwe voorwaarden verbinden en gestelde voorwaarden wijzigen of intrekken, indien het belang waarvoor de gebruiksvergunning is verleend dit vereist op grond van een verandering van inzichten of verandering van de omstandigheden gelegen buiten de inrichting, opgetreden na het verlenen van de gebruiksvergunning.
  4. 4. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.