Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Benoeming plaatsvervangend leden

Onderdeel van Verordening op de rekenkamercommissie Ridderkerk 2006 na 1e wijziging

1.. De raad kan zoveel plaatsvervangend leden benoemen als er leden zijn. 2.. Een plaatsvervangend lid kan door de voorzitter worden opgeroepen een lid tijdelijk te vervangen, als dat lid door de raad op non-actief is gesteld dan wel bij voorziene afwezigheid anderszins. 3.. De voorzitter kan de plaatsvervangende leden oproepen deel te nemen aan bepaalde werkzaamheden. Zij hebben dan dezelfde bevoegdheden als de gewone leden; zij maken deel uit van de rekenkamer. 4.. De bepalingen van deze verordening zijn op plaatsvervangend leden van overeenkomstige toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel