Alternatief 1
1. De hoogte van een bouwwerk, voor het bouwen waarvan een
omgevingsvergunning is vereist, mag niet meer bedragen dan
15 meter.
2. Indien het bouwwerk aan meer dan een weg grenst en deze
wegen op verschillende hoogten liggen, geldt de hoogte ten
opzichte van de laagst gelegen weg.
Alternatief 2
1. De hoogte van een bouwwerk, voor het bouwen waarvan een
omgevingsvergunning is vereist, mag in delen van de bebouwde
kom, aangeduid op de bij de bouwverordening behorende kaart,
niet meer bedragen dan 26 meter en de hoogte van een
bouwwerk in de overige delen van de gemeente mag niet meer
bedragen dan 15 meter.
2. Bouwen op een monument - als bedoeld in de Monumentenwet
1988 dan wel in de provinciale of gemeentelijke
monumentenverordening - is in delen van de bebouwde kom,
aangeduid op de bij de bouwverordening behorende kaart, niet
toegelaten tot een grotere hoogte dan 26 meter en in de
overige delen van de gemeente niet tot een grotere hoogte
dan 15 meter.
3. Indien het bouwwerk aan meer dan een weg grenst en deze
wegen op verschillende hoogten liggen, dan geldt de in het
eerste lid bedoelde hoogte ten opzichte van de laagst
gelegen weg.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 5
Artikel 2.5.24
Grootste toegelaten hoogte van bouwwerken
Onderdeel van Bouwverordening Toelichting