**1..** De medewerker dient zich allereerst tot zijn leidinggevende te wenden met zijn klacht. De leidinggevende zal als bemiddelaar optreden tussen klager en aangeklaagde.
**2..** Heeft de medewerker reden zich niet tot zijn leidinggevende te wenden, of slaagt de bemiddelingspoging van de leidinggevende niet, dan kan hij2 zich wenden tot een vertrouwenspersoon ongewenst gedrag.
**3..** De vertrouwenspersoon ondersteunt/begeleidt de medewerker tijdens de behandeling van de klacht, tenzij de klager het noodzakelijk acht dat de klachtencommissie een advies uitbrengt.
**4..** In afwijking van lid 3 heeft iedere medewerker het recht zich (eventueel ondersteund door de vertrouwenspersoon) met een klacht tot de landelijke klachtencommissie ongewenst gedrag te wenden.
Voetnoot 2: Daar waar in deze regeling -hij/zijn- staat, wordt ook -zij/haar- bedoeld.
Artikel 2.
Het indienen van een klacht
Onderdeel van Regeling klachtenbehandeling ongewenst gedrag op het werk gemeente Noordoostpolder 2010