• - Tussen een of meer wethouders en de Wmo-raad vindt minimaal 1 keer per jaar een overleg plaats, waarvoor beide partijen onderwerpen kunnen agenderen.
  • - Van overleg en afspraken met de Wmo-raad doet het college van B&W binnen redelijke termijn schriftelijke rapportage aan de Wmo-raad. Daarbij wordt in ieder geval aangegeven wat er met de door de Wmo-raad gegeven adviezen is of wordt gedaan.
  • - De gemeente wijst een vaste contactambtenaar aan als aanspreekpunt voor de Wmo-raad. De Wmo-raad en de contactambtenaar voeren structureel overleg met elkaar.
  • - De samenwerking tussen de gemeente en de Wmo-raad wordt jaarlijks geevalueerd.