**1..** De commissie bestaat uit een door het college van burgemeester en wethouders te benoemen aantal leden:
een voorzitter: een persoon met belangstelling voor de beeldende kunst;
overige leden:
een deskundige op het gebied van de beeldende kunst;
een architect, stedenbouwkundige of landschapsarchitect.
**2..** De leden worden benoemd voor een periode van vier jaren, welke periode gelijk is aan de zittingsperiode van het college van burgemeester en wethouders.
**3..** In tussentijdse vacatures voorziet het college van burgemeester en wethouders zo spoedig mogelijk; de alsdan benoemde leden hebben zitting tot het tijdstip waarop zij, wier plaats zij innemen, zouden hebben moeten aftreden.
**4..** Het college van burgemeester en wethouders kan aan een lid tussentijds ontslag verlenen.
**5..** Aftredende leden hebben zitting tot in hun opvolging is voorzien.
**6..** Bij verhindering van de voorzitter om als zodanig op te treden wordt hij door een door de voorzitter aan te wijzen ander lid van de commissie vervangen.