Naar hoofdinhoud
1.. Voor de berekening van de subsidie, bedoeld in artikel 1, komen in aanmerking: één lesuur per week per groep van tenminste 30 minuten en maximaal 45 minuten, gedurende welke het godsdienst- of vormingsonderwijs wordt gegeven; de lessen, welke gemiddeld worden gevolgd door tenminste 7 leerlingen per leerjaar of combinaties van leerjaren van scholen tot 150 leerlingen en door tenminste 15 leerlingen per leerjaar of combinaties van leerjaren van scholen met meer dan 150 leerlingen. 2.. In bijzondere gevallen kan het college het in het eerste lid gestelde minimum aantal leerlingen lager stellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel