**1..** De geldelijke steun wordt verleend onder de navolgende voorwaarden:
de aanvang van de werkzaamheden moet tenminste twee weken van tevoren schriftelijk worden gemeld;
met de uitvoering van de werkzaamheden moet een aanvang worden gemaakt binnen 26 weken na de dag waarop het besluit tot verlening van de geldelijke steun aan de aanvrager is bekend gemaakt;
binnen twee jaar na de verlening van geldelijke steun moeten de werkzaamheden zijn voltooid en moet de gereedmelding als bedoeld in artikel 3.11 zijn ingediend;
aan de door het college van burgemeester en wethouders met controle belaste personen dient:
1. toegang te worden verleend tot het monument;
2. inzage te worden verleend in de op het treffen van de voorzieningen betrekking hebbende bescheiden en tekeningen;
3. de op het treffen van de voorzieningen betrekking hebbende gegevens te worden verstrekt;
4. gelegenheid te worden gegeven tot het controleren van de op het treffen van de voorzieningen betrekking hebbende gegevens;
de bescheiden en gegevens die naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders nodig is voor de juiste toepassing van dit hoofdstuk van de verordening moeten worden verstrekt;
bij het treffen van de voorzieningen mag niet worden gehandeld in strijd met artikel 3 van het Vestigingsbesluit bouwnijverheidsbedrijven 1958;
de eigenaar dient zich ten genoegen van het college van burgemeester en wethouders aan te sluiten bij een organisatie die zich ten doel stelt het verval van monumenten te voorkomen en de laatste in de gelegenheid te stellen de gemeente te rapporteren over de onderhoudssituatie van het monument;
de eigenaar dient het monument te onderhouden overeenkomstig een door het college van burgemeester en wethouders goed te keuren onderhoudsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid onder g, met inachtneming van het bepaalde in artikel 3.9;
een monument mag niet, zonder voorafgaande toestemming van het college van burgemeester en wethouders, worden gesloopt of aan de bestemming worden onttrokken, danwel - ingeval het een woning betreft - worden onttrokken aan de bestemming om gedurende het gehele jaar door dezelfde persoon of personen te worden bewoond;
een monument mag niet, zonder voorafgaande toestemming van het college van burgemeester en wethouders worden gesplitst in appartementsrechten als bedoeld in artikel 5:106 van het Burgerlijk Wetboek.
**2..** Het college van burgemeester en wethouders kan nadere voorwaarden stellen met betrekking tot het bepaalde onder i en j.
**3..** Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzonder gevallen afwijken van het bepaalde in het eerste lid.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1
Artikel 3.8
Algemene voorwaarden bij het verlenen van geldelijke steun
Onderdeel van Gemeentelijke subsidieverordening stadsvernieuwing