Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 3.9

Onderhoudsbepalingen

Onderdeel van Gemeentelijke subsidieverordening stadsvernieuwing

1.. Geldelijke steun op grond van dit hoofdstuk wordt slechts verleend onder de voorwaarde dat de eigenaar het monument naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders deugdelijk zal onderhouden basis van een in artikel 3.8, eerste lid sub h bedoeld onderhoudsplan. 2.. Als naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders niet aan de voorwaarde als bedoeld in het vorige lid is voldaan zal zij: geheel of gedeeltelijk niet tot uitbetaling van de geldelijke steun overgaan, al naar gelang de ernst van de overtreding en/of eventueel reeds gedane vooruitbetalingen op de geldelijke steun geheel of gedeeltelijk terugvorderen. 3.. Als het niet voldoen aan de voorwaarde als bedoeld in het eerste lid de eigenaar niet verwijtbaar is, kan het college van burgemeester en wethouders afwijken van het bepaalde in het tweede lid. 4.. Het college van burgemeester en wethouders kan in de vorm van een model onderhoudsplan nadere eisen stellen met betrekking tot de voorwaarde als bedoeld in het eerste lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel