Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 8.3

Het primaat van het collectief vervoer

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Doetinchem 2010

Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, onderdelen 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 8.1, onder b en c vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht wanneer: aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek het gebruik van een collectief systeem als bedoeld in artikel 8.1, onder a, onmogelijk maken dan wel een collectief systeem als bedoeld in artikel 8.1, onder a, in de gemeente niet aanwezig is; een collectief systeem niet toereikend is voor het vervoer op de korte afstand en in aanvulling op het collectief systeem een individuele voorziening noodzakelijk is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel