1 Afscheidingen, steigers, ladders, heistellingen, transportinrichtingen en ander
hulpmateriaal moeten, wat kwaliteit en samenstelling betreft, voldoen aan de eis van
goed en veilig werk en in goede staat van onderhoud verkeren.
2 Het is verboden bij de uitvoering van een bouw- of grondwerk een werktuig of een
stof te gebruiken, indien daardoor gevaar voor de omgeving optreedt.
3 Burgemeester en wethouders kunnen het gebruik van een werktuig, dat schade of
ernstige hinder voor de omgeving veroorzaakt of kan veroorzaken, verbieden.
4 Het bevoegd gezag kan voorschrijven, dat voor een op een werk te
gebruiken krachtwerktuig:
a uitsluitend een bepaalde brandstof wordt gebezigd, en/of
b de aandrijving elektrisch geschiedt, en/of
c het werktuig gedurende bepaalde delen van een etmaal niet mag worden
gebruikt.
5 Het bepaalde in het tweede, derde en vierde lid is niet van toepassing indien en voor
zover het betreft nadelige gevolgen voor het milieu waarop de Wet milieubeheer of
enige in deze wet genoemde milieuwet van toepassing is.
HOOFDSTUK 4
Artikel 4.10
Veiligheid van hulpmiddelen en het voorkomen van hinder
Onderdeel van Bouwverordening Drechterland