**1..** Burgers kunnen tijdens de vergadering het woord voeren in
maximaal 5 minuten. Insprekers kunnen zich tot aanvang van de
vergadering melden bij de griffier als inspreker. Bij veel
insprekers kan de voorzitter de duur van het inspreken beperken.
Het inspreken geschiedt, nadat de voorzitter het woord heeft
verleend.
**2..** Het woord kan niet gevoerd worden over:
een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en
beroep openstaat of heeft opengestaan;
benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van
personen;
een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de
Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
ingediend.
**3..** Aan het begin van de vergadering krijgen insprekers het woord
over onderwerpen, die niet op de agenda staan, maar wel behoren
tot het taakgebied van de raadscommissie.
**4..** Bij het inspreken bij een agendapunt bepaalt de voorzitter in
overleg met de commissie wanneer de inspreker het woord krijgt
tijdens het agendapunt. Na de inspraak krijgen de commissieleden
de gelegenheid om aan de inspreker vragen te stellen. De
inspreker antwoordt direct en richt zich daarbij tot de
voorzitter.
**5..** Dit artikel is niet van toepassing op het horen als bedoeld in
artikel 3, onder d.
Hoofdstuk 4: › Paragraaf 2
Artikel 17
Spreekrecht burgers
Onderdeel van Verordening op de raadscommissies 2008