Het hoofd van de afdeling heeft de leiding over
de onder hem ressorterende afdeling.
Het hoofd is verantwoordelijk voor een goede
coördinatie binnen de afdeling, zowel voor de
voorbereiding als voor de uitvoering, als voor de
inhoudelijke advisering via de gemeentesecretaris
aan het gemeentebestuur.
Het hoofd heeft binnen de afdeling de zorg voor
een goede taakverdeling tussen de medewerkers.
Basis voor deze taakverdeling is de
functiebeschrijving, zoals die door burgemeester
en wethouders is vastgesteld.
Het afdelingshoofd draagt er zorg voor dat
specifieke taken, door het bestuur opgedragen aan
een ambtenaar van diens afdeling, naar behoren
worden en kunnen worden vervuld.
Het afdelingshoofd heeft de zorg voor en goed
functionerend afdelingsoverleg.
Het afdelingshoofd heeft de zorg voor het
personeel van de afdeling en is de eerst
aangewezene voor de juiste en tijdige advisering
over de personeelsbezetting, de bewaking van de
voortgang en de kwaliteit van de aangeboden
diensten. Verder is hij de eerst aangewezene om de
medewerkers te stimuleren, te instrueren en
zonodig te corrigeren alsmede om met de medewerker
van de afdeling gesprekken te voeren over
klachten, problemen, beoordelingen en andere
aangelegenheden. Hij is tevens de eerste
beoordelaar van zijn personeel. Burgemeester en
wethouders stellen nadere regels voor het houden
van personeels-beoordelingen. Tevens draagt hij
zorg voor het jaarlijks houden van
functioneringsgesprekken.
Hij neemt deel aan alle gesprekken met
sollicitanten naar functies binnen de
afdeling.
Het afdelingshoofd neemt als adviseur of
anderszins deel aan vergaderingen van (delen van)
de raadscommissie(s) voor het werkterrein van de
afdeling.
Het afdelingshoofd houdt zich op de hoogte van
ontwikkelingen op het werkterrein van de afdeling
en draagt er zorg voor en ziet erop toe dat zijn
medewerkers eveneens de ontwikkelingen blijven
volgen.