1.
Indien het niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht als bedoeld in artikel 13 lid 1 van de wetten heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering, wordt de verlaging afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag.
2.
De verlaging bedoeld in het eerste lid bedraagt: a. 20% van de grondslag gedurende minimaal 1 maand, bij een bruto benadelingsbedrag tot € 1.300,00;
b.50% van de grondslag gedurende minimaal 1 maand, bij een bruto benadelingsbedrag van € 1.300,- tot € 4.000,-;
c.100% van de grondslag gedurende minimaal 1 maand, bij een bruto benadelingsbedrag van € 4.000,- of meer.
3.
Indien een belanghebbende gegevens in verband met de vaststelling van het recht op uitkering, waarover hij reeds eerder redelijkerwijs kon beschikken, pas in een bezwaar-, beroeps-, of hoger beroepsprocedure verstrekt, wordt de toepasselijke grondslag verlaagd met 20% gedurende minimaal 1 maand.