Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4. › Paragraaf 3.

Artikel 26.

Subsidievaststelling

Onderdeel van Monumenten- & Archeologieverordening 2010

Binnen drie maanden na het einde van de werkzaamheden zendt de aanvrager kopieën van de rekeningen van de gesubsidieerde kosten aan het college; De in lid 1 genoemde rekeningen dienen eenduidig herleid te kunnen worden naar de begroting, op basis waarvan de subsidie is verleend; Het college stelt uiterlijk zes weken na ontvangst van de in het eerste lid genoemde bescheiden de subsidie vast naar aanleiding van de in het eerste lid genoemde rekeningen; Indien de werkelijk gemaakte kosten blijkens de in het eerste lid genoemde bescheiden lager blijken te zijn dan de in de bij de subsidieaanvraag behorende begroting zal de subsidie naar rato verlaagd worden; Indien de werkelijk gemaakte kosten blijkens de in het eerste lid genoemde bescheiden hoger blijken te zijn dan de in de bij de subsidieaanvraag behorende begroting zal de subsidie niet verhoogd worden; Uitbetaling van de subsidie vindt uiterlijk zes weken na vaststelling van de subsidie plaats.

Rechtspraak bij dit artikel