Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6.

Artikel 35.

Opsporing

Onderdeel van Monumenten- & Archeologieverordening 2010

De opsporing van de in artikel 13 strafbaar gestelde feiten is, naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door het college met de zorg voor de naleving van deze verordening zijn belast, ieder voor zover het de feiten betreft die in de aanwijzing zijn vermeld; Zo dikwijls de zorg voor de naleving van deze verordening dit vereist, wordt hierbij de machtiging verstrekt al dan niet besloten ruimten en plaatsen, met uitzondering van woningen, desnoods tegen de wil van de rechthebbende, bewoner of gebruiker te betreden, aan hen die en voorzover zij door het bevoegd gezag belast zijn met het toezicht op de naleving van deze verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel