**1..** In deze verordening zijn onder de artikelen 10 tot en met 21 de voorzieningen opgenomen die het college in elk geval kan aanbieden aan de verschillende doelgroepen. In het beleidsplan als bedoeld in artikel 4 van deze verordening kan het college extra voorzieningen opnemen indien bijzondere redenen of omstandigheden dit rechtvaardigen.
**2..** Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien uit de WWB en deze verordening, aan een voorziening nadere verplichtingen verbinden.
**3..** Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de belanghebbende die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in artikel 9, lid 1, sub a en b, artikel 17, lid 1 en 2 en artikel 55 van de WWB niet nakomt;
indien de belanghebbende die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van de WWB;
indien de belanghebbende algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.
**4..** In beleidsregels kan het college ten aanzien van de voorzieningen, bedoeld in de artikelen 10 tot en met 21 van deze verordening, met inachtneming van hetgeen daarover in het beleidsplan is bepaald, nadere bepalingen stellen. Deze bepalingen kunnen betrekking hebben op:
de voorwaarden waaronder een voorziening wordt aangeboden;
de weigeringsgronden bij het aanbieden van voorzieningen;
de aanvraag van, en de besluitvorming over subsidies en premies;
de betaling van subsidies en het verlenen van voorschotten;
de intrekking of wijziging van de subsidieverlening of vaststelling;
het vragen van een eigen bijdrage;
overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het verstrekken van subsidies.
Hoofdstuk 5
Artikel 9
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand Leidschendam-Voorburg 2005