Naar hoofdinhoud
1.. Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn met het besloten karakter van de vergadering. 2.. Indien de commissie overeenkomstig het gestelde in artikel 23 van de Gemeentewet besluit tot het houden van een besloten vergadering kunnen de aanwezige raadsleden, niet zijnde lid van de commissie, deze besloten vergadering bijwonen. 3.. Voor de afloop van een besloten vergadering beslist de commissie, voorzover artikel 86, tweede lid van de Gemeentewet niet is toegepast, overeenkomstig artikel 86, eerste lid van de Gemeentewet of omtrent de inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. 4.. Indien de raad voornemens is de door de commissie opgelegde geheimhouding van stukken op te heffen wordt, indien de commissie daarom vraagt, in een besloten vergadering met de commissie overleg gevoerd. 5.. In afwijking van het eerste lid en van artikel 19, eerste lid blijven stukken, omtrent de inhoud waarvan ingevolge artikel 25, eerste of tweede lid van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, onder berusting van de griffiers die de leden inzage verlenen. 6.. Het verslag van een besloten vergadering blijft onder berusting van de griffiers die de leden inzage verlenen. 7.. Het verslag als bedoeld in het zesde lid wordt zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel