Naar hoofdinhoud
1. Indien het jaarinkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van de gehuwde als bedoeld in artikel 1 lid 3 van wet meer bedraagt dan 1,7 maal het wettelijk minimumloon voor 23 jaar en ouder inclusief de wettelijke vakantietoeslag wordt geen financiële tegemoetkoming verstrekt. Indien het jaarinkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van de gehuwde als bedoeld in artikel 1 lid 3 van de wet tussen 1,7 maal en 1,6 maal het wettelijk minimumloon voor 23 jaar en ouder inclusief de wettelijke vakantietoeslag bedraagt wordt maximaal 25% van de financiële tegemoetkoming als bedoeld in het Besluit verstrekt. Indien het jaarinkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van de gehuwde als bedoeld in artikel 1 lid 3 van de wet tussen 1,6 maal en 1,5 maal het wettelijk minimumloon voor 23 jaar en ouder inclusief de wettelijke vakantietoeslag bedraagt wordt maximaal 50% van de financiële tegemoetkoming als bedoeld in het Besluit Indien het jaarinkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van de gehuwde als bedoeld in artikel 1 lid 3 van de wet 1,5 maal het wettelijk minimumloon voor 23 jaar en ouder inclusief de wettelijke vakantietoeslag bedraagt wordt maximaal 100% van de financiële tegemoetkoming als bedoeld in het Besluit. 2. Indien het inkomen meer bedraagt als bedoeld in het eerste lid, terwijl uitsluitend gebruik gemaakt kan worden van een rolstoeltaxi, wordt het verschil tussen een taxikostenvergoeding en de vergoeding voor gebruik rolstoeltaxi vergoed

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel